Appelbeignets
1/2 kop lauw water
1 theelepel suiker
2 pakjes droge actieve gist
4 koppen bloem
2 eieren
1 theelepel zout
frituurolie

Roer 1 theelepel suiker in een kopje lauw water. Sprinkel de droge gist erover en laat het ongeveer 10 minuten staan. Als het goed is begint de gist te schuimen of te borrelen. Als de gist actief is moet je even roeren.
Doe de bloem in een grote kom en maak een kuiltje in het midden van de bloem.
Voeg de eieren en het suiker en gist mengsel toe.
Verwarm de melk in een klein pannetje totdat die lauw is en schenk de helft van de melk in het kuiltje.
Begin het beslag van binnenuit te mengen tot alle bloem vochtig is.
Voeg de rest van de melk toe en klop het beslag glad.
Dek de kom af met een vochtige doek en laat het beslag op een warme plek 45 minuten tot een uur rijzen tot het volume ongeveer is verdubbeld.
Verwarm de olie in een frituurpan tot 190°C.
Meng het zout in het beslag, nadat het is gerezen.
Schil de appels en verwijder het klokhuis met een appelboor. Snij ze vervolgens in dikke schijven.
Dip elke appelschijf in het beslag, zodat die goed bedekt is, en laat deze voorzichtig in de olie zakken.
Je kunt ongeveer 4 of 5 appelschijven tegelijk bakken.
Draai de schijven om als de onderkant goudbruin begint te worden en frituur de andere kant.
Haal de appelbeignets uit de olie met een schuimspaan en laat ze uitlekken op een bord bedekt met keukenrol.
Als ze voldoende zijn afgekoeld om met je vingers aan te raken, kun je er poedersuiker overheen strooien en serveren.